Toelage Dagcentra voor meerderjarige niet-werkende personen met een beperking

Het stadsbestuur geeft een financiële tussenkomst aan dagcentra voor meerderjarige niet-werkende personen met een handicap, met uitsluiting van deze opgericht door openbare besturen.

Dit uiteraard binnen de perken van de jaarlijks op de stadsbegroting uitgetrokken en goedgekeurde kredieten

De dagcentra werken onder het semi-internaatstelsel en richten zich tot meerderjarige personen met een beperking die niet kunnen werken, ook niet in beschermde werkplaatsen. Zij bieden arbeidsvervangende activiteiten aan en beogen het onderhouden en het aanleren van diverse vaardigheden volgens ieders mogelijkheden.

Voorwaarden

Deze dagcentra moeten minstens één jaar zijn opgericht.

Procedure

Om in aanmerking te komen voor een toelage dient de verantwoordelijke van het dagcentrum voor meerderjarige niet-werkende personen met een handicap een schriftelijke aanvraag in te dienen bij het College van Burgemeester en Schepenen van de stad Brugge en dit ten laatste op 1 mei volgende op het afgelopen werkjaar.

Meebrengen

Het dagcentrum dat een toelage aanvraagt moet bij deze aanvraag voegen: 

  • een kopie van de erkenning door het Vlaams Fonds voor de Sociale Integratie van Personen met een Beperking als dagcentrum voor meerderjarige niet-werkende personen met een beperking;
  • samenstelling van het bestuur met naam, voornaam en adres;
  • een financieel verslag en een jaarverslag van het voorbije werkjaar;
  • het aanvraagformulier dat je krijgt bij de dienst Welzijn met opgave van de gehandicapte personen en het aantal uren dat zij in het dagcentrum hebben verbleven gedurende het werkjaar.

Bedrag

Het bedrag wordt bepaald aan de hand van het aantal leden. De leden moeten ingeschreven staan in het Brugse bevolkingsregister.

Regelgeving

De dagcentra zijn erkend door het Vlaams Fonds voor de Sociale Integratie van Personen met een Handicap. Het betreft erkende voorzieningen voor personen met een handicap, zoals bedoeld in artikel 3, § 1, categorie 13 van het Koninklijk Besluit nr. 81 van 10 november 1967.

Deel deze pagina